De hervorming van de financiering heeft wel een andere finaliteit voor psychiatrische ziekenhuizen (PZ) dan voor algemene ziekenhuizen (AZ), onderstreept hij. Bij die laatste is het vooral zaak een oplossing te vinden voor de structurele onderfinanciering.
Over de hervorming van de financiering in de PZ stelde de werkgroep psychiatrie van de Nationale Raad van Ziekenhuisvoorzieningen (NRZV) onlangs een uitgebreid advies op. Dat advies bespreken we in een volgende editie uitgebreid. De nieuwe financiering van de PZ past binnen een hervorming voor de hele sector van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Beide staan in het teken van de vermaatschappelijking van de zorg - en het creëren van zorgprogramma's binnen netwerken voor de uiteenlopende werkingsgebieden.

Nood aan beleidsartsen

De artsen zijn in de PZ nauw betrokken bij het beleid, onderstreept De Rycke. Ze combineren steeds vaker een klinische taak met een beleidsactiviteit. De medische activiteit wordt zelf steeds meer ingebed in interdisciplinaire teams, overleg binnen de netwerken, sturing binnen de zorgclusters. Artsen blijken volgens de enquête grote voorstander te zijn van een structurele financiering van niet-patiëntgebonden opdrachten. Dat verbaast De Rycke geenszins. Dat zal zeker in de PZ het geval zijn - verwacht hij. Hij betreurt dat er geen afzonderlijke resultaten voor de PZ beschikbaar zijn.
Volgens De Rycke is er tussen de artsen, de medische raad, de directie en de raad van bestuur in de PZ een goede relatie. In de PZ zijn de afhoudingen van artsenhonoraria tamelijk beperkt, stelt hij. Op de toezichtshonoraria, de voornaamste inkomstenbron voor artsen, wordt gemiddeld 6% afgehouden. Er zijn maar weinig technische prestaties, en de afhoudingen voor de medisch-technische diensten zijn variabel.

Aanbodgestuurd, all-in

Een grote meerderheid van de ziekenhuisartsen, en nog meer ziekenhuisbestuurders, zijn het volgens de enquête eens met de stelling dat de financiering te veel aanbodgestuurd is. Een meer vraaggestuurd systeem is inderdaad een uitgangspunt van het toekomstig financieringssysteem volgens de nota van de NRZV. In de PZ verwacht Raf De Rycke nog een groter aantal voorstanders van dit principe.

Een all-in financiering moet binnen de GGZ staan voor alle activiteiten: infrastructuur, bedrijfsfinanciering, zorgfinanciering, medisch-technische diensten en medische activiteit. Negen procent van de ziekenhuisbeheerders wil de all-in financiering zo snel mogelijk invoeren, 62% is daar voorstander van na een grondige voorbereiding. Dat is nog meer steun voor het NRZV-voorstel, vindt De Rycke. Er is geen meerderheid voor all-in financiering bij de artsen, maar opnieuw denkt hij dat een afzonderlijk resultaat voor de PZ een ander beeld zou geven.
Patiënten zeker betrekken

Brede steun is er voor het voorstel om incentives in te bouwen voor het verbeteren van kwaliteit en de patiëntenveiligheid. Dat principe maakt ook opnieuw onderdeel uit van het advies van de werkgroep psychiatrie van de NRZV, onderstreept hij.
Dat het voorstel voor een directe vertegenwoordiging van patiënten in de raad van bestuur maar lauw ontvangen wordt, verbaast De Rycke niet. De raad van bestuur is geen stakeholdersvergadering. Een patiëntenbetrokkenheid is zinvoller binnen andere structuren: de algemene vergadering, advies- of beheercomités,... "In ons advies breken we een lans om middelen toe te kennen op het netwerkniveau voor de vorming van medewerkers om een actieve participatie van patiënten- en familieverenigingen mogelijk te maken."

De hervorming van de financiering heeft wel een andere finaliteit voor psychiatrische ziekenhuizen (PZ) dan voor algemene ziekenhuizen (AZ), onderstreept hij. Bij die laatste is het vooral zaak een oplossing te vinden voor de structurele onderfinanciering. Over de hervorming van de financiering in de PZ stelde de werkgroep psychiatrie van de Nationale Raad van Ziekenhuisvoorzieningen (NRZV) onlangs een uitgebreid advies op. Dat advies bespreken we in een volgende editie uitgebreid. De nieuwe financiering van de PZ past binnen een hervorming voor de hele sector van de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Beide staan in het teken van de vermaatschappelijking van de zorg - en het creëren van zorgprogramma's binnen netwerken voor de uiteenlopende werkingsgebieden. Nood aan beleidsartsen De artsen zijn in de PZ nauw betrokken bij het beleid, onderstreept De Rycke. Ze combineren steeds vaker een klinische taak met een beleidsactiviteit. De medische activiteit wordt zelf steeds meer ingebed in interdisciplinaire teams, overleg binnen de netwerken, sturing binnen de zorgclusters. Artsen blijken volgens de enquête grote voorstander te zijn van een structurele financiering van niet-patiëntgebonden opdrachten. Dat verbaast De Rycke geenszins. Dat zal zeker in de PZ het geval zijn - verwacht hij. Hij betreurt dat er geen afzonderlijke resultaten voor de PZ beschikbaar zijn. Volgens De Rycke is er tussen de artsen, de medische raad, de directie en de raad van bestuur in de PZ een goede relatie. In de PZ zijn de afhoudingen van artsenhonoraria tamelijk beperkt, stelt hij. Op de toezichtshonoraria, de voornaamste inkomstenbron voor artsen, wordt gemiddeld 6% afgehouden. Er zijn maar weinig technische prestaties, en de afhoudingen voor de medisch-technische diensten zijn variabel. Aanbodgestuurd, all-in Een grote meerderheid van de ziekenhuisartsen, en nog meer ziekenhuisbestuurders, zijn het volgens de enquête eens met de stelling dat de financiering te veel aanbodgestuurd is. Een meer vraaggestuurd systeem is inderdaad een uitgangspunt van het toekomstig financieringssysteem volgens de nota van de NRZV. In de PZ verwacht Raf De Rycke nog een groter aantal voorstanders van dit principe. Een all-in financiering moet binnen de GGZ staan voor alle activiteiten: infrastructuur, bedrijfsfinanciering, zorgfinanciering, medisch-technische diensten en medische activiteit. Negen procent van de ziekenhuisbeheerders wil de all-in financiering zo snel mogelijk invoeren, 62% is daar voorstander van na een grondige voorbereiding. Dat is nog meer steun voor het NRZV-voorstel, vindt De Rycke. Er is geen meerderheid voor all-in financiering bij de artsen, maar opnieuw denkt hij dat een afzonderlijk resultaat voor de PZ een ander beeld zou geven. Patiënten zeker betrekken Brede steun is er voor het voorstel om incentives in te bouwen voor het verbeteren van kwaliteit en de patiëntenveiligheid. Dat principe maakt ook opnieuw onderdeel uit van het advies van de werkgroep psychiatrie van de NRZV, onderstreept hij. Dat het voorstel voor een directe vertegenwoordiging van patiënten in de raad van bestuur maar lauw ontvangen wordt, verbaast De Rycke niet. De raad van bestuur is geen stakeholdersvergadering. Een patiëntenbetrokkenheid is zinvoller binnen andere structuren: de algemene vergadering, advies- of beheercomités,... "In ons advies breken we een lans om middelen toe te kennen op het netwerkniveau voor de vorming van medewerkers om een actieve participatie van patiënten- en familieverenigingen mogelijk te maken."